Strand, zee, Zand en een felgeel bier
Wanneer de meeste mensen aan een Mexicaans biertje denken, verschijnt er direct een beeld van een strand, een felgeel biertje en een verplicht partje limoen in de flessenhals. Vaak wordt dit type weggezet als een simpel zomerpilsje, bedoeld om ijskoud weg te tikken zonder er al te veel bij na te denken. Maar achter die ogenschijnlijke eenvoud schuilt een fascinerende geschiedenis en een brouwstijl die veel technischer is dan je op het eerste gezicht zou vermoeden.
Van de Oostenrijkse Alpen naar de Sierra Madre
Het verhaal van de Mexican Lager begint niet in Mexico-Stad, maar in het 19e-eeuwse Europa. Tijdens de korte periode dat het Tweede Mexicaanse Keizerrijk bestond, onder leiding van de Oostenrijkse aartshertog Maximiliaan I, trokken veel Duitse en Oostenrijkse brouwers naar Mexico. Ze namen hun eigen tradities mee, met name die van de Vienna Lager.
Terwijl de populariteit van dit donkere, moutige bier in Europa langzaam wegvloeide, bloeide het in Mexico juist op. Lokale brouwers pasten de recepten aan het warme klimaat aan. Ze zochten naar een manier om de volle smaak van de Wiener traditie te behouden, maar dan in een lichtere, meer verfrissende vorm. Zo ontstond de Mexican Lager zoals we die nu kennen: een strakke, doordrinkbare doosdrinker met een verrassend Europees fundament.
Het geheim van de maïs
Wat een Mexican Lager echt onderscheidt van een standaard Europees pilsner, is de toevoeging van maïs (vaak in de vorm van flaked maize). In de wereld van de bier-snobs wordt maïs soms met een scheef oog aangekeken als een goedkoop opvulmiddel, maar dat is een misvatting. Bij een Mexican Lager is maïs een cruciaal ingrediënt voor de textuur en de balans.
De maïs zorgt namelijk voor een lichtere body en een loepzuivere afdronk, zonder dat het bier zijn ruggengraat verliest. Het resultaat is een bier dat weliswaar strak en droog is, maar ook een heel subtiel, bijna bloemig zoetje in de verte heeft. Het is een technische uitdaging voor een brouwer om een bier te maken dat zo helder en clean is; foutjes in het brouwproces kun je in zo’n fragiel profiel namelijk nergens achter verbergen.
Clara versus Oscura
In de basis kennen we twee varianten: de Clara en de Oscura. De Clara is de blonde versie die we allemaal kennen, gebrouwen met pilsmout en maïs. De Oscura leunt meer tegen de oorspronkelijke Vienna Lager aan, met een diepere amberkleur en tonen van toast en biscuit, maar nog steeds met die karakteristieke lichte afdronk. Beide stijlen hebben één ding gemeen: ze zijn gemaakt voor de dorst, maar met respect voor de ingrediënten.

Kauyumari: Een blauw hert in de Mexicaanse zon
Als je op zoek bent naar een exemplaar dat deze traditie eer aandoet, hoef je niet direct een ticket naar Guadalajara te boeken. Dichter bij huis heeft Brouwerij ’t Blauwe Hert uit Aalsmeer met de Kauyumari een prachtige Mexican Pale Lager neergezet.
De naam is een ode aan de legendarische gids van het inheemse Wixarika-volk, het blauwe hert dat de mensheid leerde in balans met de natuur te leven. Dit bier van 5% is precies wat een Mexican Lager moet zijn: extreem fris, loepzuiver en gebrouwen met die kenmerkende storting van maïs. Het is een eerlijk bier dat bewijst dat je voor een verfrissende ervaring helemaal geen smaak hoeft in te leveren. Drink hem koud, tussen de 3 en 6 graden Celsius, en die limoen hoeft er echt niet bij dankzij de gebruikte Motueka hop heeft dit bier dat helemaal niet nodig om te schitteren.
Je vindt meer informatie over dit bier en de diepere tradities erachter op de website van Brouwerij ’t Blauwe Hert.




